Voor Bastogne
laat de zeventiende eeuw zich in drie woorden samenvatten :
oorlog, hongersnood en pest. Holland, Spanje en Frankrijk
bekvechten met elkaar over de Luxemburgse gebieden, en door zijn
ligging is Bastogne de bijna verplichte doorgangsweg voor de
legers die elkaar bekampen.
Dank zij de bescherming van haar stadsmuren,
biedt de stad een relatieve veiligheid, in een
omgeving die om de haverklap wordt verwoest door
voorbijtrekkende legers en pestepidemiën.
Sinds eeuwen was de stad inderdaad omringd
door indrukwekkende wallen, die meer dan zeven meter hoog
waren en enkele meters dik. Een twintigtal ronde en
halfronde torens, verspreid over de hele omtrek van de muur,
gaven toegang tot een rondweg, van waaruit wachters en soldaten, wanneer nodig,
de beveiliging van de stad konden verzekeren.
De stad kon slechts via 2 poorten worden
betreden : de "porte Basse" (de "Lage Poort", die
vandaag nog steeds bestaat en de naam porte de Trèves draagt) en
de "porte Haute" (die zich in de omgeving van de
huidige "rue Haute" bevond). Deze twee poorten
werden in het lichtblauw op onderstaand plan ingekleurd :

Zicht op de muren en grachten, die de stad
Bastogne omringden, volgens een tekening uit de 17de eeuw.
Slechts twee poorten gaven toegang tot de stad.
Om de stad binnen te gaan, moest men eerst
langs een wachtpost, die zich in een cirkelvormige toren
buiten de wallen bevond, dan de gracht oversteken via een
ophaalbrug. Men bereikte aldus de eigenlijke stadspoort,
beveiligd met een houten poort en een metalen hek. Links en
rechts van de "Porte Haute" stonden twee cirkelvormige
torens, de ene werd "Tour de la Porte" genoemd, de
andere "Tour du Portier", of toren van de poortwachter.
|
 |
|
Bastogne -
Porte de Trèves (de vroegere Porte Basse),
is alles wat heden nog overblijft van de
vroegere stadsmuren. |
Elke poort beschikte inderdaad over een
poortwachter, die de toegang tot de stad bewaakte, de poort opende en sloot,
en in geval van nood, het hekken neerliet en de ophaalbrug
optrok, zodat de slotgracht de toegang tot de stad
onmogelijk maakte.
We zullen hierna zien dat Henri HANSY,
voorvader van alle Delperdanges, gedurende ettelijke jaren
de porte Haute van Bastogne heeft bewaakt.
We weten niet met zekerheid hoe en waarom Henri HANSY
rond 1635 in Bastogne toekomt. Zijn naam
verschijnt voor de eerste maal in 1639, op de doopselakte
van zijn zoon Laurent.
Tussen 1639 en 1659, worden niet minder dan
10 van zijn kinderen in Bastogne gedoopt (zie het
hoofdstuk : Er was eens ...<•>)
:
|
Datum |
Naam
kind |
Naam
vader |
Naam
moeder |
|
15/3/1639 |
Laurent |
Henri
HANSY |
- |
|
4/7/1644 |
Pierre |
Henri
HANSY |
- |
|
28/2/1646 |
Marie |
Henri
HANSY |
- |
|
26/3/1647 |
François |
Henri
HANSY |
- |
|
27/4/1648 |
Catherine |
Henri
HANSY |
- |
|
19/9/1650 |
Jeanne |
Henri
D'ELPERDENGE |
- |
|
20/1/1653 |
Claude |
Henri
HANSY D'ELPERDENGE |
Catherine |
|
15/3/1654 |
Englebert |
Henri
D'ELPERDENGE |
|
|
20/10/1656 |
Catherine |
Henri
D'ELPERDANGE |
|
|
3/10/1659 |
Marie |
Henri
D'ELPERDENGE |
Catherine COLENS |
Parochieregisters van
Bastogne.
Beschikbare informatie in de doopselaktes van
zijn 10 kinderen.
De verschillende aktes tonen dus hoe, tussen
1650 en 1655, Henri HANSY zich geleidelijk Henri d'ERPELDANGE of D'ELPERDANGE
laat noemen, naam die in de volgende generatie gaat
uitmonden in DELPERDANGE.
We kunnen dus veronderstellen dat Henri HANSY rond 1615-1620 werd geboren,
en afkomstig was
van ERPELDANGE, of tenminste in ERPELDANGE had vertoefd
alvorens zich in Bastogne te komen vestigen.
En waarom zouden we, geholpen door de stiel
die hij later zal uitoefenen (zie verder), de geschiedenis
niet voor een deel zelf herschrijven door te stellen dat hij
misschien in één of ander luxemburgs leger was ingelijfd,
en bij een doortocht door Bastogne, verliefd werd
op een lokale schone, Catherine COLENS, zodat hij besloot zijn zwerversbestaan
vaarwel te zeggen om te huwen en zich in Bastogne te vestigen.
Se non è vero, ...
De studie van
dokumenten uit de jaren 1650, die bewaard worden in de
staatsarchieven te Aarlen, liet toe enkele bijkomende
informatie over het leven van Henri HANSY terug te vinden. Zijn
naam verschijnt inderdaad in de
rekeningen van het jaar 1650 van de stad Bastogne,
waarin alle uitgaven en ontvangsten uit de jaren 1649 en
1650 worden opgesomd.

Rekeningen van de
stad Bastogne - 1650
"Payé à Henry Hansy, portier de la porte haute de cette
ville, pour ses gages d'avoir vargué à la garde de ladite
porte, douze florins et huit sols ..."
____
"Betaald aan Henri Hansy, poortwachter van de Porte Haute van
deze stad, als verloning voor het bewaken van voornoemde
poort, twaalf florijnen en acht stuivers..."
In 1650 was Henri HANSY dus poortwachter aan
de Porte Haute in Bastogne. We beschikken spijtig genoeg
niet over de rekeningen van de vorige jaren, en kunnen dus
niet terugvinden in welk jaar juist hij deze functie
opnam.
In de uitgaven van het volgende dienstjaar (1651-1652)
vindt men hetzelfde bedrag terug, uitbetaald als verloning
aan de poortwachter van de Parte Haute, die echter ditmaal
vermeld wordt als Henri
d'Erperdange.

Rekeningen van de stad Bastogne - 1652
"Payé à Henri d'erperdange, portier de la porte haute de
cette ville, pour ses gages d'avoir .... et vargué à
la garde de la porte, douze florins et huit sols ..."
---
"Betaald aan Henri d'erperdange, poortwachter van de Porte
Haute van deze stad, als verloning voor ... en voor de
bewaking van de poort, twaalf florijnen en 8 stuivers..."
|
Dit is dus een
tweede bewijs dat, tussen 1650 en 1655, Henri
HANSY zich geleidelijk
d'Erpeldange gaat
noemen. De schrijfwijze van de naam zal enkele
jaren later geleidelijk overgaan in Delperdange. |
Maar de stadspoort bewaken lijkt maar een
bijberoep te zijn geweest voor Henri HANSY. Inderdaad vinden
we eveneens in de ontvangsten van de stad, voor de jaren 1651-1652,
dat Henri d'Erpeldange,
poortwachter van de porte Haute, op zijn beurt aan de stad
een bedrag van 13
florijnen heeft betaald, als gevolg van de toewijzing, na
openbare aanbesteding, van de "chaussage", wat
zoveel betekent als het innen van belastingen op het gebruik
van bruggen en wegen.

Recettes de la ville de
Bastogne - 1652
"(Reçu) de Henri d'erpeldange, portier de la porte haute, pour la
... du chaussage a lui enchéré, suivant l'acte d'oultrée pour ...
la somme de treize florins "
---
"(Ontvangen) van Henri d'erpeldange, poortwachter van de la porte haute,
voor het innen van belastingen op bruggen en wegen, aan hem
toegewezen na aanbesteding, ... de som van dertien florijnen".
We vinden dezelfde bedragen, zowel in de
inkomsten als in de uitgaven van de rekeningen van de stad
voor de jaren 1652-1653, die eveneens bewaard
zijn gebleven. Het lijkt dus vast te staan dat Henri Hansy
poortwachter was van de porte Haute, maar dat hij daarnaast,
vermoedelijk als hoofdberoep, belastingen op bruggen en
wegen inde voor rekening van de stad. En zoals het in die tijd
gebruikelijk was, kwam een bepaald percentage van de geïnde
belastingen hem toe.
De rekeningen van de volgende jaren zijn
meestal niet bewaard gebleven, wel deze van het dienstjaar
1679-1680. Hierin lezen wij dat Pierre, de tweede
oudste zoon van Henri (hij werrd in 1644 geboren) de
opdracht van zijn vader om belastingen te innen voor
rekening van de stad had overgenomen. Henri HANSY, die op
dat ogenblik reeds meer dan zestig jaar oud moet zijn
geweest, bleef echter zijn jaarlijkse rente van 12 florijnen en
8 stuivers ontvangen, bedrag dat dus gedurende meer dan 20 jaar
onveranderd was gebleven.

Rekeningen
van de stad de Bastogne - 1680
"Payé à Henry Delperdenge comme portier gagé de
la porte haute de cette
ville, comme de coutume douze florins et huit sols ..."
---
"Betaald aan Henry Delperdenge, als bezoldigde poortwachter
van de porte haute van deze stad, zoals gewonlijk, twaalf
florijn en 8 stuivers."
De opmerking "zoals gebruikelijk" lijkt erop
te wijzen dat Henri ofwel voor het leven was benoemd, of
tenminste dat men zijn taak als poortwachter niet meer in
vraag stelde.
Dank zij de rekeningen van datzelfde jaar
vernemen wij dat de Porte Haute op dat ogenblik gebruikt
werd als gevangenis. Tussen de uitgaven vinden we inderdaad
een bedrag terug van 1 florijn "voor drie planken voor een
deur aan de Porte Haute die als gevangenis dienst doet".

Uitgaven van de stad Bastogne - 1680
"Pour trois planches pour une porte à la Porte Haute servant
de prison,
1 florin."
---
"Voor drie planken voor een deur aan de Porte Haute die als
gevangenis dienst doet, 1 florijn"
Uit de teruggevonden gegevens kunnen we
echter niet afleiden of Henri, naast zijn taak als
poortwachter, ook nog belast was met de bewaking van de
gevangenen.
De laatste betaling aan Henri HANSY vindt men
terug in de rekeningen voor het jaar 1685. Henri moet
op dat ogenblik meer dan 65 jaar oud zijn geweest !
Hetzelfde jaar, misschien om hem te bedanken
voor zijn lange en trouwe diensten aan de stad, neemt de
raad de beslissing om voor hem een kamer en een keuken te
bouwen.

Uitgaven van de stad
Bastogne -1685
".... pour refaire le pont levis de la porte haute, faire
une chambre et une cuisine pour le portier, et plusieurs
autres besognes reprises dans le marché ......"
-----
"om de ophaalbrug te herstellen, een kamer en een keuken te
bouwen voor de portier, en verschillende andere werken die
in het bestek zijn opgesomd, ... "
En blijkbaar als gevolg van deze werken,
dient men in 1886 elf stuivers uit te geven om de
"bevestiging van de gewichten van het uurwerk van de Porte
Haute te verhogen, als gevolg van de bouw van de kamer van
de poortwachter..."

Uitgaven van de stad Bastogne - 1686
"Les prises qui soutiennent les contrepoids de l'horloge de la
porte haute ayant du êtres mis plus haut à raison de la
chambre du portier..."
---
"De ophanging van de gewichten van het uurwerk van de Porte
Haute moesten hoger worden bevestigd als gevolg van de kamer
van de poortwachter..."
We kunnen hieruit
besluiten dat, nadat hij meer dan 30 jaar de taak van
poortwachter had vervuld, Henri HANSY zijn laatste jaren
sleet in een huisje aanpalend aan de porte Haute.

Bastogne - De rue Haute vorige eeuw
En vermoedelijk was hij, met wat weemoed,
getuige van het begin van de afbraak van de stadsmuren, die
in 1688 door de Franse overheersers werd bevolen.